Nieuwe regelgeving paramotorvliegen in najaar 2023

In het najaar van 2023 wordt nieuwe regelgeving verwacht voor paramotorvliegen. In dit artikel leggen we uit wat er veranderd. De precieze tekst van de nieuwe regelgeving kun je lezen op www.internetconsultatie.nl/paramotortrike.

Kort samengevat regelt de nieuwe regelgeving een aantal zaken:

  • Legalisering van de paramotortrike.
  • De regels rondom inschrijving in het Nederlands Luchtvaartuigregister en het speciaal Bewijs van Luchtwaardigheid (s-BvL) worden veranderd voor paramotor(trike)s met een leeggewicht van minder dan 120 kg (inclusief reddingsmiddelen).
  • De Regeling veilig gebruik luchthavens en andere terreinen (Rvglt) wordt aangepast.

Legalisering paramotortrike

Hoewel paramotortrike(s) al jaren worden ingeschreven in het Nederlands Luchtvaartuigregister is de paramotortrike in wet- en regelgeving nooit gelegaliseerd. Dit komt omdat de paramotor (in wet- en regelgeving “gemotoriseerd schermvliegtuig”) is gedefinieerd als een schermvliegtuig dat wordt gestart en geland op de benen. Doordat de paramotortrike wel werd ingeschreven in het Nederlands Luchtvaartuigregister is er lang onduidelijkheid geweest over de status van de paramotortrike.

In de nieuwe regelgeving wordt dit probleem opgelost. Naast het gemotoriseerd schermvliegtuig komt er een aparte definitie voor de paramotortrike: dat wil zeggen, een schermvliegtuig dat wordt gestart en geland op wielen. De paramotortrike wordt volledig gelijk gesteld aan het gemotoriseerd schermvliegtuig. Dit betekent dat alle regels die gelden voor de paramotor (gestart op de voeten) ook zullen gaan gelden voor de paramotortrike.

Er is één belangrijke uitzondering: de wetgever heeft in de toelichting van het aangepaste Besluit bewijzen van bevoegdheid voor de luchtvaart expliciet aangegeven dat de bestuurder van een paramotortrike moet kunnen aantonen over voldoende kennis te beschikken over aerodynamica, materiaal, meteorologie, navigatie, regelgeving en vliegtechniek. Dit kan worden aangetoond met behulp van theorie-examen certificaten en het Paramotorvliegbewijs van de KNVvL.

Inschrijving en bewijs van luchtwaardigheid

Tot voor kort was het lastig om nieuw materiaal in het Nederlands Luchtvaartuigregister in te schrijven. Dit komt omdat de huidige (verouderde) regelgeving is gebaseerd op regelgeving die een aantal jaar geleden in Duitsland afgeschaft is. Hierdoor kon de paramotorvlieger niet meer de stukken aanleveren die nodig waren voor de inschrijving en afgifte van het speciaal bewijs van luchtwaardigheid. Ook werd in Nederland de motor (van de paramotor) ingeschreven, hetgeen eigenlijk vreemd is, omdat de motor zonder scherm niet vliegt.

In de nieuwe regelgeving wordt dit opgelost. Net als in Duitsland kan men in de nieuwe situatie een paramotorvliegscherm dat wordt gevlogen met een totaal leeggewicht van minder dan 120 kg (inclusief reddingsmiddelen) inschrijven met behulp van het DGAC certificaat. Bij het ingeschreven scherm mag dan elke (para)motor(trike) worden gebruikt, zolang het leeggewicht minder dan 120 kg is en de onderdelen technisch op elkaar afgestemd zijn. Voor de duidelijkheid: het scherm wordt in de nieuwe situatie ingeschreven, de motor niet.

Behalve het bewijs van inschrijving met daarop je PH-registratie ontvang je ook een speciaal Bewijs van Luchtwaardigheid (s-BvL). In tegenstelling tot voorheen hoeft het s-BvL voor de nieuwe categorie onder 120 kg niet jaarlijks verlengd te worden, maar ben je wel verplicht om naast het s-BvL een geldige schermkeuring te kunnen overleggen. Zonder geldige schermkeuring is het s-BvL niet geldig en bega je een misdrijf mocht je er toch mee vliegen.

Ook ontvang je een geluidscertificaat. Op dit geluidscertificaat staat vermeld dat de maximale geluidsproductie van de paramotor(trike) 60 dB(A) mag zijn, gemeten volgens ICAO richtlijnen. Uit geluidsmetingen blijkt dat alle in Europa geproduceerde paramotors (welke technisch in orde zijn) aan deze eis voldoen. Je hoeft dus niet -zoals in het verleden gebruikelijk was- bij de aanvraag van het s-BvL een apart geluidsdocument of blauw boekje aan te leveren. Je krijgt automatisch een geluidscertificaat waarop de maximale waarde staat vermeld.

Tenslotte komt er een apart tarief voor de afgifte van het s-BvL voor paramotor(trike)s met een leeggewicht onder 120 kg. Dit is aanmerkelijk goedkoper dan voorheen en scheelt dus in de portemonnee.

Hoewel dit voor zich spreekt, zijn er nog een aantal aandachtspunten:

  • De gebruiker blijft verplicht om al het onderhoud aan alle delen van het luchtvaartuig uit te voeren conform de richtlijnen van de fabrikant.
  • De registratie moet in het scherm worden aangebracht conform de regels die daarvoor gelden. De letters moeten een minimale hoogte hebben van 50 centimeter en leesbaar zijn vanaf de grond. Omdat het scherm wordt ingeschreven, wordt het aanbrengen de registratie op een vlag niet langer toegestaan.
  • Het is niet toegestaan om zelf een paramotor(trike) te bouwen en daarmee te gaan vliegen. Je mag alleen met materiaal vliegen dat door een professionele partij is ontwikkeld en gebouwd. Het scherm en de motor moeten op elkaar en op de gebruiker afgestemd zijn.
  • Voor paramotortrikes met een leeggewicht boven 120 kg verandert er niets.

Aanpassing Regeling veilig gebruik luchthavens en andere terreinen (Rvglt)

Het zal iedere paramotorvlieger al eens zijn opgevallen dat de rechthoekige baan in de huidige Rvglt niet aansluit bij de praktijk. We starten en landen immers altijd tegen de wind in.

In de nieuwe regelgeving wordt dit probleem opgelost. De nieuwe regels zijn in hoofdlijnen als volgt:

  • Voor het opstijgen en landen is een cirkelvormige start- en landingsplaats beschikbaar met een diameter die nodig is voor een veilige start en landing, doch niet minder dan 40 meter.
  • Om deze start- en landingsplaats heen is een obstakelvrije zone van 15 meter.
  • Wanneer binnen een straal van 500 meter van de luchthaven obstakels zijn hoger dan 45 meter, dan moet de exploitant hiervoor beheersmaatregelen nemen.
  • Er mogen geen obstakels steken door een denkbeeldig vlak dat met de buitenste cirkel als basis oploopt met een helling van 1:10 (hoogte:afstand) tot 225 meter van de luchthaven, voor zover deze obstakels een gevaar vormen.

In de nieuwe situatie bestaat een terrein voor paramotorvliegen dus altijd uit een obstakelvrije cirkel met een diameter van tenminste 70 meter (40 + 15 + 15). Deze afmeting zal genoeg zijn voor de gemiddelde (solo) voetstarter.

Echter, vlieg je tandem of met een (zwaardere) paramotortrike, dan is deze afmeting hoogstwaarschijnlijk niet voldoende. Soms vermeld het handboek van een paramotortrike de minimaal benodigde baanlengte. Indien dat het geval is, dan wordt de in het handboek vermeldde baanlengte door de wetgever gezien als minimum (waarbij nog twee keer 15 meter moet worden opgeteld). Als het handboek geen minimale baanlengte vermeld, dan wordt de verantwoordelijkheid om een juiste beoordeling te maken over de geschiktheid en veiligheid van het terrein bij de gezagvoerder zelf neergelegd. Een belangrijke verantwoordelijkheid die niet onderschat moet worden.

Ingangsdatum

Het invoeren van nieuwe wet- en regelgeving is een langdurig proces. Het is daarom niet duidelijk wanneer de nieuwe regelgeving in werking zal treden. De verwachting is dat de nieuwe regelgeving in het najaar van 2023 in zal gaan.

Vragen?

Heb je vragen naar aanleiding van deze tekst? Stuur een mail naar info@paramotoropleiding.nl.

Welkom op Paramotoropleiding.nl

Website met lesmateriaal voor de opleiding Paramotorvliegen in Nederland

Deze website helpt (aspirant) paramotorvliegers te helpen bij het vinden en begrijpen van de leerstof voor de opleiding Paramotorvliegen en de Nederlandse regelgeving. Hoewel de website nog niet compleet is, worden delen ervan al gepubliceerd om zo onduidelijkheid te voorkomen.